Codex W2 uit Wolfenbüttel Cod. Guelf. 18.2 Aug. 4˚

Wolfenbüttel, Herzog August Bibliothek, Cod. Guelf. 18.2 Aug. 4˚

Dit is een diplomatische editie van een deel van het 15e-eeuwse handschrift met de signatuur Cod. Guelf. 18.2 Aug. 4˚ van de Herzog August Bibliothek in Wolfenbüttel, een samengesteld handschrift (convoluut) met 156 folia, bestaande uit drie delen die later zijn samengevoegd en daarom als aparte handschriften beschouwd moeten worden. Deze editie betreft het tweede deel (106r-151v) met de volgende inhoud: De flebotomia (106r-110r, Latijn en Nederlands), Computus (110v-112r Latijn), Cisiojanus (112v-115r, Nederlands en Latijn), De natuurkunde van het geheelal (115r-151v, Nederlands en Latijn).

Deze editie is verzorgd door WEMAL (Werkgroep Middelnederlandse Artesliteratuur). Wij hebben ervoor gekozen dit handschrift (het tweede deel van het convoluut) integraal uit te geven in een diplomatische editie, dus ook de Latijnse teksten, met het doel de teksten beschikbaar te maken voor wetenschappelijk onderzoek en voor een breder belangstellend publiek.

Bekijk hier de diplomatische transcriptie.

VERANTWOORDING VAN DE DIPLOMATISCHE TRANSCRIPTIE

Omdat het hier een diplomatische editie betreft, is de tekst zoveel mogelijk weergegeven conform het handschrift. Waar wij van deze vuistregel afwijken, om technische of esthetische redenen, of vanwege de leesbaarheid van de tekst, wordt dit in deze verantwoording en/of in de annotaties aangegeven.

Opmaak, paginering, binderssignaturen, custoden

De teksten zijn getranscribeerd conform de indeling van het handschrift: per pagina, per kolom en per regel. Dit maakt een vergelijking met de scans van de pagina’s ook gemakkelijker.
Inhoudelijk te onderscheiden onderdelen van de tekst op één pagina zijn gescheiden door witregels, ook al is dit in het handschrift niet altijd zo. Hierbij hebben we gelet op de structurering van de tekst in het handschrift door middel van o.a. diverse lettertypen en lettergroottes, paragraaftekens, inspringende tekst, lombarden en witregels.

Teksten in schematische illustraties zijn doorgaans per afgebeeld vakje afgeschreven als één regel.
De paginanummering en kolomnummering is afgeleid van de moderne foliëring in het handschrift. De regelnummering (per pagina en per kolom) is van onze hand, waarbij alleen tekstregels (geen witregels) genummerd zijn.
Codicologische informatie zoals liniëring, binderssignaturen en custoden zijn niet in de transcriptie en annotatie opgenomen.

Afkortingen, verkorte woorden, afbrekingen, leestekens

Afkortingen zijn zo mogelijk opgelost conform volledige woordvormen van dezelfde hand in omringende tekst; anders naar beste weten. De oplossingen zijn gecursiveerd.
Verkorte woorden in verzen en proza (bijv. in de Cisiojanus) zijn als zodanig afgeschreven.
Afbrekingen, met of zonder afbreekteken, zijn weergegeven met het moderne liggende streepje.

De gebruikte leestekens zijn de Duitse komma en de punt (voornamelijk in opsommingen). Deze zijn exact weergegeven als in het handschrift. Getalspunten rondom getallen zijn weggelaten.

Lombarden, paragraaftekens, kapitalen, bijzondere lettertekens/spelling

De lombarden in rood en blauw zijn als gewone hoofdletters weergegeven (met annotatie over grootte, kleur en een eventueel aanwezige representant).
Paragraaftekens, al dan niet opgehoogd (met rood gemarkeerd), zijn zonder annotatie opgenomen in de lopende tekst, behalve als ze in de marge staan: dan wel geannoteerd.

Gewone kapitalen, al dan niet opgehoogd, zijn als hoofdletters afgeschreven. Ook opgehoogde kleine letters zijn als hoofdletters weergegeven om de structurerende functie te behouden. De in onze moderne ogen J-vormige kapitaal representeert bijna altijd de klanken [ie] en [i], zoals in ‘Item’ en ‘In’. Deze is altijd afgeschreven als I, ook als de moderne klank [j] zou zijn, zoals in ‘Iohannes’.
Het gebruik van inwisselbare lettertekens (u/v/w en y/ij en i/j) is exact weergegeven als in het handschrift. Middeleeuwse varianten van letters (bijv. diverse vormen van a, r en s) zijn weergegeven met moderne lettertekens.
De Middelnederlandse tekst heeft soms opvallende spelling met dubbele klinkers in woorden als ‘nooemt’ (i.p.v. noemt) en ‘voirwaeer’ (i.p.v. voirwaer). Wij beschouwen dit als normale spellingsvarianten: niet geannoteerd. Ook wordt tt vaak geschreven als ct: dit is zonder annotatie als tt afgeschreven.

Cijfers, getallen

Romeinse en Arabische cijfers/getallen, al dan niet opgehoogd, zijn weergegeven als in het handschrift, maar zonder de eventueel bijbehorende getalspunten. Bovengeschreven letters bij getallen zijn exact zo overgenomen.

Woordscheiding, aaneenschrijving, spatiëring

Woordscheidingen en aaneenschrijvingen die afwijken van modern Nederlands, zijn weergegeven als in het handschrift. Bij twijfel (de spaties zijn soms erg smal) zijn de woorden los/vast getranscribeerd conform identieke woordvormen van dezelfde hand in omringende tekst, of naar middeleeuws gebruik.
Het Latijnse ‘que’ in de betekenis ‘en’ achter een woord is altijd aan dat woord vast getranscribeerd, ook als het handschrift een spatie heeft, bijv. ‘saturnus marsque’ (Saturnus en Mars).

Soms zijn twee aaneengeschreven woorden in het handschrift gescheiden door een contemporain verticaal streepje: deze zijn los afgeschreven, zonder streepje en zonder annotatie.
Evidente fouten in de spatiëring (bijv. ‘ghe maect’ of ‘diesonne’) zijn stilzwijgend verbeterd.

Inhoudelijke corrupties, kopieerfouten

In de tekst kunnen inhoudelijke fouten geslopen zijn (o.a. door vertaal- of kopieerfouten); deze corrupties zijn integraal overgenomen en meestal niet geannoteerd (dat hoort bij een kritische editie). Corrupties zijn wel geannoteerd als ze te herleiden zijn tot gewone spelfouten of kopieerfouten (bijv. t/c/r-fout, u/n-fout, x/p-fout of s/f-fout). Enkele corrupte Latijnse woord(groep)en zijn eveneens geannoteerd als resultaat van zoekacties. De annotaties zijn een handreiking aan de lezer hoe woord(groep)en gelezen moeten worden.

Contemporaine correcties in het handschrift

De sporadische interlineaire en marginale toevoegingen zijn geïntegreerd in de lopende tekst, met annotatie. In bruin en rood doorgehaalde woord(groep)en en letters zijn ook in de transcriptie doorgehaald, zonder annotatie. Bij door elkaar geschreven letters en vlekvorming is gekozen voor de relevante letters (aan de hand van de context), doorgaans zonder annotatie.

Gebruikssporen

Behalve de moderne foliëring zijn er geen duidelijk aanwijsbare gebruikssporen van ná de totstandkoming van het geëditeerde handschrift (106r-151v) resp. het convoluut waarvan dit deel uitmaakt.

Probleemgevallen

Twijfelgevallen (bijv. pootjesreeksen, vakjargon, moeilijke afkortingen, corrupties) zijn in onderling overleg naar beste weten afgeschreven. Correcties van lezers zijn alsnog welkom!

Annotatie

Bij deze diplomatische transcriptie zijn voornamelijk codicologische en paleografische annotaties opgenomen, dus geen woordverklaringen en geen literair- en cultuurhistorisch commentaar. In de rubrieken hierboven is aangegeven wat wel en niet geannoteerd is.
Als vuistregel voor de annotaties hanteren wij: alleen annoteren wat bijzonder/afwijkend is (dus niet wat in de middeleeuwen of in dit handschrift gebruikelijk is).

Door het (geplande) tonen van de scans naast de getranscribeerde tekst lijken veel annotaties overbodig. Wij hebben ervoor gekozen deze toch aan te brengen, voor het geval in de toekomst een papieren editie overwogen wordt met slechts een selectie van de pagina’s ter illustratie. De diplomatische tekst is ook als pdf beschikbaar zonder de scans.

April 2022

Transcribenten: Willem van Bentum, Edith Claessens, Andrea van Leerdam, Marjon van Diepen, Orlanda Lie, Irene Meekes, Noor Versélewel de Witt Hamer.
Collatoren: Willem van Bentum, Noor Versélewel de Witt Hamer

PS In december 2024 is een kritische editie als gedrukt boek uitgekomen: O.S.H. Lie, L. Jongen en W. Engelbrecht, Een Utrechtse almanak uit de late middeleeuwen, Uitgeverij Verloren, Utrecht 2024.

Bekijk hier de diplomatische transcriptie.